Ik ben bezig met een serie kerstconcerten in Amsterdam. We zingen op allerlei plekken in de stad, van ziekenhuizen tot bibliotheken. Zaterdag zongen we, in opdracht van winkeliers, buiten, in mijn favoriete stadsdeel de Pijp, rondom de Albert Cuypmarkt waar ik als student aan het eind van de dag vaak vis kocht voor de helft van de prijs. Ik verwachtte dat mensen zouden doorlopen, maar velen bleven staan. Bewoners luisterden vanaf hun balkonnetjes en zongen mee. Kerstliedjes roepen herinneringen op, ook gekleurde. In mijn beleving sneeuwde het altijd met kerst. We zongen Let it snow, al was de snow heel ver weg. Het was 11 graden. Ons optreden in een asielzoekerscentrum was bijzonder omdat je er niet komt als je er niet woont of werkt. Bewoners waren blij met de afleiding en na elk nummer werd er geklapt. We zongen Stille Nacht in het Engels en Arabisch. Dat werd erg gewaardeerd. Samen zingen verbindt en ontroert als je de juiste noten en snaren raakt.
Ik was als kind dol op kerstliedjes en bijbelverhalen. Vanaf Advent waren we op school bezig met het kindje Jezus, Maria, Jozef, schapen, herders, Bethlehem en de wijzen uit het oosten. Ik was een groot Jezusfan omdat hij liefdevol was. Het oude testament vond ik onprettig. Met die wraakzuchtige, toornige God. Ik schreef een brief aan God met de vraag: “Kunt u mensen anders bakken? We blijven slechte dingen doen. U moet ons zien als een cake. Misschien moet U minder melk, eieren of bloem in ons stoppen voor U ons bakt?’’ Ik gaf mijn brief aan de pastoor van de Sint- Bavokerk. Ik vrees dat God mijn brief nooit heeft ontvangen. Vrede op aarde is verder weg dan ooit. Ik communiceer al lang niet meer met God maar zing met hart en ziel over vrede en de Heiland die op aarde kwam om ons te redden van onze zonden. Hoop doet leven