Sinds ik Boer ken breng ik vakanties in Duitsland door.

Ik kwam er vroeger nooit: mijn vader weigerde over Duitse snelwegen te rijden. Te vaak bloembollen gegeten in de hongerwinter.

We reden Frankrijk door op zoek naar Franse sporen uit het verleden.  Alleen Normandië bezochten we niet. Te veel Duitse geschiedenis.

Boer komt zijn hele leven al in Duitsland en weet alles van de Tweede Wereldoorlog . De geallieerde landingsstranden in Normandië bezocht hij lang geleden met zijn vader en toen de muur viel in 1989, zaten zij aan de buis gekluisterd.

Ik maak met Boer een inhaalslag. Op Rügen bezochten we Seebad Prora, het vakantieoord dat de nazi’s in de jaren 30 aan de kust  bouwden. Het complex is 4,5 kilometer lang  en kon 20.000 mensen herbergen. Er waren feestzalen, sporthallen en restaurants ontworpen. Aan de kade moesten schepen de Duitse arbeiders afzetten voor een strandvakantie.  De oorlog brak uit en het vakantiefeest ging niet door.  Er kwamen krijgsgevangenen naar Prora en inwoners uit gebombardeerde steden. Na de oorlog trok het Sovjetleger erin en werd het een DDR-legerbasis. Na 1989 begon het verval. Wat moest Rügen met de grootste architectonische nalatenschap van de nazi’s?

Inmiddels is Prora omgetoverd in een luxueuze badplaats. Veel Duitsers en anderen vinden dit niet kunnen op deze beladen plek. Ik zou zelf  op z´n minst bordjes met uitleg over de ontstaansgeschiedenis bij de hotels plaatsen.

Aan de friswitte blokken hotels en appartementen zit nog één verpauperd origineel blok vast,  waar het documentatiecentrum in zit.  We worden daar nog maar weer eens geconfronteerd met de doodenge Nazi-ideologie. Ik kan het niet laten me af te vragen of de andere bezoekers gewoon geinteresseerd zijn net als wij, of dat er ook neo-Nazi’s in het documentatiecentrum rondlopen. Ik onderzoek mensen op rechts-extremistische tatoeages en T-shirts. Ook wilde ik roepen: “Wir interessieren uns einfach fur geschichte, das haben wir von unseren vȁtern!´ Toch maar niet gedaan. Volgens mijn Duitse vriendin klink ik Duitser dan de Duitsers zelf.

Daar kan ik niks aan doen: ik ben goed in naamvallen.

Bij de vervallen kade, kijken we naar het prachtige strand, de duinen met de mooie bomen en de zee. “Wunderschön,” zegt iemand.

Helemaal waar. De natuur kan er ook niets aan doen