Boer en ik maakten een tripje naar Trier. We bezochten op 1 mei het geboortehuis van Karl Marx, strijder voor arbeidersrechten.
In Duitsland is 1 mei, net als in veel landen, een officiële nationale feestdag. Winkels en bedrijven zijn gesloten. Vakbonden wereldwijd organiseren herdenkingen, evenementen en demonstraties.
De dag van de Arbeid heeft zijn oorsprong in Chicago. Op 1 mei 1886 gingen honderdduizenden arbeiders de straat op om te protesteren voor betere arbeidsomstandigheden. De arbeidersbeweging sloeg wereldwijd over. In Nederland wordt nauwelijks stilgestaan bij 1 mei: de arbeidersbeweging is in ons land van verzuiling en polderen nooit echt sterk geworden. Mijn ouders waren salonsocialisten die 1 mei een belangrijke dag vonden. Mijn vader citeerde theatraal uit ‘De Internationale’ als we uit bed kwamen: “Ontwaakt! verworpenen der Aarde Ontwaakt!” De ‘Champagne-socialisten’ kregen het verwijt dat ze vanuit hun salonstoelen socialistische idealen aanhingen, maar er een luxe, kapitalistische levensstijl op nahielden. ‘Ik ben geen echte salonsocialist,’ zei mijn vader, ‘Ik drink alleen rode wijn.’
Nu ja, naast rode wijn drinken deden ze ook wel eens iets voor minder bedeelden. Zo gingen we met politiek vluchteling, de Koerdische Turk Ali, naar de Zwarte Markt in Beverwijk om Oosterse tapijten te bekijken en tafeltennisten we in een opvangcentrum met Vietnamese bootvluchtelingen. Verder kloppen de clichés: we woonden in een chique buurt en gingen vaak op vakantie.
Het werd een feestelijke dag in Duitsland. We zagen overal groepen mensen lopen met karretjes vol proviand. Zelfs grote groepen montere pubers. Het hoort bij de traditie om met vrienden of familie te wandelen door het bos. ‘s Middags stroomden de terrassen vol.
Na gedane arbeid is het goed rusten.